» ZOEK IN LEXICON
Hier kunt u zoeken in onze uitgebreide lexicon.
» WIKI
» 23 - Businessmarketing

Inhoudsopgave

23.8 - Samenvatting

Business marketingMarketingDe menselijke activiteit gericht op het bevredigen van behoeften door middel van ruil. Naast deze door ons geprefereerde en gehanteerde definitie zijn er andere definities, zoals het vanuit de markt gerichte denken en handelen ten aanzien van productie en afzet (H.J. Kuhlmeijer)....

klik voor meer informatie
wijkt in een aantal opzichten af van de consumentenmarketing. Het meest fundamentele verschil is dat de industriële afnemerAfnemerPersoon of organisatie die producten tegen betaling aanschaft. In de consumentenmarketing is de afnemer meestal ook eindgebruiker, tenzij een consument een product aanschaft voor gebruik door iemand anders (familielid, ontvanger van een geschenk, en dergelijke). In de business-to-business marketing...

klik voor meer informatie
koopt voor de bevrediging van de behoeften van de organisatieOrganisatieIn de organisatieleer: samenstel van productiemiddelen, procedures en mensen in een onderneming dat ertoe moet bijdragen dat specifieke kennis en/of vaardigheid van bepaalde personen op doelmatige wijze wordt aangewend voor de opstelling en realisering van het beleid van die onderneming. In de...

klik voor meer informatie
. Het koopgedragKoopgedragFase van consumentengedrag waarin de consument overgaat tot de feitelijke aankoop van producten. Onder aankoopgedrag hoort daarom ook: het gedrag op weg naar de plaats van aankoop en de frequentie van de aankopen....

klik voor meer informatie
is daardoor vaak rationeler, maar ook complexer.
Concurreren gaat vaker op productverschillen dan op prijsPrijsHet begrip prijs is verschillend in de algemene economie en in de marketing: - in de algemene economie: de in geld uitgedrukte ruilwaarde van een product; - in de marketing: een instrument om de ondernemings- en marketingdoelstellingen mede te helpen realiseren. De prijs bepaalt de opbrengst...

klik voor meer informatie
, maar op massamarkten (zoals die van staal) is het tegenovergestelde het geval.

In de marketingmix moet de business marketeerMarketeerBegrip: Marketeer zie ook: Functionele marketingorganisatie Marketingfunctie. In het Nederlands (marketeer) en Engel (marketer) gangbare benaming voor een functionaris die verantwoordelijk is voor marketing. ...

klik voor meer informatie
zijn instrumenten afstemmen op de doelmarktDoelmarktGekozen markt of deelmarkt waarop de onderneming de marketingactiviteiten richt. De doelmarkt kan bestaan uit één of meer deelmarkten. ...

klik voor meer informatie
, die hij door macro- en mogelijk ook microcriteria heeft geselecteerd. Hij kan daarbij kiezen voor een combinatie van eenvoudige en complexe instrumenten, om daarmee aan te sluiten op het specifieke koopgedragKoopgedragFase van consumentengedrag waarin de consument overgaat tot de feitelijke aankoop van producten. Onder aankoopgedrag hoort daarom ook: het gedrag op weg naar de plaats van aankoop en de frequentie van de aankopen....

klik voor meer informatie
van iedere doelmarktDoelmarktGekozen markt of deelmarkt waarop de onderneming de marketingactiviteiten richt. De doelmarkt kan bestaan uit één of meer deelmarkten. ...

klik voor meer informatie
.

TabelTabelSystematische rangschikking van cijfers in een assenstelsel....

klik voor meer informatie
23.9 geeft een samenvatting van belangrijke verschillen tussen business marketingMarketingDe menselijke activiteit gericht op het bevredigen van behoeften door middel van ruil. Naast deze door ons geprefereerde en gehanteerde definitie zijn er andere definities, zoals het vanuit de markt gerichte denken en handelen ten aanzien van productie en afzet (H.J. Kuhlmeijer)....

klik voor meer informatie
en consumentenmarketing.

TabelTabelSystematische rangschikking van cijfers in een assenstelsel....

klik voor meer informatie
23.9 Belangrijke verschillen tussen business- en consumentenmarketing
Factor Business-
marketing
Consumenten-
marketing
Aantal vraageenheden (potentiële afnemers) beperkt groot
Ruimtelijke verdeling van de vraag veelal geconcentreerd grote spreiding
Koopmotieven (of: benefits sought) overwegend rationeel en dwingend vaak emotioneel; vrijblijvendheid
Oorsprong van de vraag afgeleide vraag (of: derived demand) autonome vraag (vraag uit privé behoeften)
Verandering van de vraag in tijd sterke veranderingen mogelijk; vraag is conjunctuurgevoelig relatief bestendig
Onderhandeling onderhandelingen over alle aspecten van de transactie die zich over een lange periode kunnen uitstrekken geen of nauwelijks onderhandeling
Inkoophoeveelheid veelal groot gering
Waarde van de inkoop hoog relatief laag
Productieaansturing vaak pas productie na het verkrijgen van de opdracht meestyal productie op voorraad
Relaties tussen aanbieders en afnemers veelal hechte, langdurige en persoonlijke relaties veelal losse, kortdurende en onpersoonlijke relaties
Kundigheid van de afnemer groot relatief gering
Aantal personen dat bij de aankoop betrokken is kan zeer groot zijn (enkele tientallen) veelal één of enkele personen (huishouden)
Reciprociteit (afnemer levert ook aan eigen leverancier) speelt geregeld een rol speelt hoogst zelden een rol
Complexiteit veelal hoog veelal relatief laag