1 - Wat is Marketing?
2 - Consumentengedrag
3 - Marketingomgeving
4 - Marktonderzoek
5 - Marktsegmentatie
6 - De strategische ondernemingsplanning
7 - De marketingplanning
8 - De marketingorganisatie
9 - Product en assortiment
10 - Merkenbeleid
11 - Productontwikkeling en de productlevenscyclus
12 - Groothandels- en detailhandelsmarketing
13 - Handelsbedrijven
14 - Fysieke distributie
15 - Distributiebeleid
16 - Strategische prijsbeslissingen
17 - Tactische prijsbeslissingen
18 - Promotie
19 - Reclame
20 - Persoonlijke verkoop
21 - Sales promotion, public relations en sponsoring
22 - Direct marketing
23 - Businessmarketing
24 - Dienstenmarketing
25 - Not for profit marketing
26 - Citymarketing

6 - De strategische ondernemingsplanning

6.4 - De keuze van een bepaalde strategie

Uit de opgestelde alternatieven moet een keuze worden gemaakt om het probleem van de strategische kloof te dichten. Deze keuze kan ook betekenen dat in een gezonde ondernemingssituatie een stijging van winst en groei mogelijk wordt. Bij deze keuze zal men zich onder andere baseren op de volgende criteria:
  • een afdoende oplossing van het kernprobleem;
  • de bijdrage aan de ondernemingsdoelen;
  • het beslag op de middelen (productiecapaciteit, financiële middelen).
De keuze moet niet alleen gemaakt worden door te kijken naar de alternatieve strategieën. Dat is een te enge visie. Men moet zeker ook bezien of de te kiezen alternatieve strategie in de totale situatie van de onderneming past. Dat betekent dat men zich niet alleen moet afvragen of de alternatieve strategie het kernprobleem oplost, maar ook of de gekozen strategie haalbaar is. Het laatste kan zichtbaar worden gemaakt door het foetsieconcept te hanteren de beginletters van de genoemde aspecten vormen samen het woord foetsie). Daarbij kijkt men naar:
  • Financiële aspecten;
  • Organisatorische aspecten;
  • Economische aspecten (winst en marktpositie);
  • Technologische aspecten;
  • Strategische en sociale aspecten;
  • Iuridische aspecten (afgeleid van het Latijnse ius);
  • Ethische en ecologische aspecten.

Let op: foetsie is slechts een onderdeel van de beoordeling. Een alternatieve strategie moet ook aansluiten bij de uitkomsten van de SWOT – analyse en ze moet acceptabel zijn voor belanghebbenden binnen en buiten de onderneming, de zogenaamde stakeholders (personeel, aandeelhouders en omgeving).

De uiteindelijke beslissing maakt men op basis van een beoordelingsmatrix waarbij men alternatieve mogelijkheden tegen de nuloptie afzet. Op de verticale as komen te staan de doelmatigheid, de haalbaarheid en de uitvoerbaarheid. Op de horizontale as de nuloptie en de alternatieve strategieën of opties.
Men geeft elk vak in de matrix een beoordeling met -, +/-, + en ++.
In het voorbeeld van een vleeswarenproducent wordt optie 2 gekozen want deze heeft de hoogste score.

Tabel 6.1 De beoordelingsmatrix
  Nuloptie Optie 1
specialisatie
slagers
Optie 2
Versterkte 
inspanning
bij supers
Doelmatigheid:
- lost het kernprobleem op
- gaat uit van SW
- houdt rekening met OT
-
-
-
-/+
+
-
++
++
-/+
Haalbaarheid:
- FOETSIE (op basis van weging per onderdeel)
+ -/+ -/+
Uitvoerbaarheid:
- acceptatie door stakeholders
++ + +
Totaalscore: -/+ -/+ +




Reacties

Er zijn nog geen reacties.
 Meld je aan met LinkedIn om te reageren